MaagDarmLever.nl

Anatomie en aandoeningen binnen het MDL-gebied.

MaagDarmLever.nl

De mond

Mond en keelDe mond is het begin van het spijsverteringskanaal. In de mond wordt het voedsel met behulp van tong en tanden fijngemalen en vermengd met het speeksel. Het speeksel is afkomstig van de speekselklieren.

De mond is eigenlijk de toegang tot de mondholte, maar in de praktijk spreken we over mond als geheel van tong, tanden, gehemelte, onder- en bovenkaak en de speekselklieren.

De tong

De tong is het meest beweeglijke orgaan van ons lichaam en bestaat voornamelijk uit spieren. Met de tong kun je je gebit reinigen, spreken, zuigen en voedsel verplaatsen.

Papillen en smaak

De tong is bekleed met papillen: kleine uitsteeksels waarin de cellen zitten waarmee smaken herkend kunnen worden. De mens kent vier smaken die met verschillende delen van de tong herkend kunnen worden:

  • Zoet, dat op de punt van de tong waargenomen wordt
  • Zuur, dat op de zijranden van de tong waargenomen wordt
  • Zout, dat verspreid over de oppervlakte van de tong waargenomen wordt
  • Bitter, dat op de achterzijde van de tong waargenomen wordt

Alle andere smaken zijn eigenlijk geuren en worden met de neus waargenomen.

De boven- en onderkaak

De bovenkaak is onderdeel van de schedel en bevat de boventanden. De onderkaak bevat de ondertanden en is beweeglijk met de schedel verbonden. De onderkaak kan bewegen van boven naar beneden, van links naar rechts én van voor naar achter. Deze bewegingen zijn mogelijk dankzij de kauwspieren.

Als de mond gesloten is, passen onder- en bovenkaak precies op elkaar. Is dit niet het geval, dan kan de onderkaak in een abnormale stand komen te staan, waardoor klachten zoals oorpijn en hoofdpijn kunnen ontstaan.

Het gebit

Het gebit bestaat uit tanden en kiezen. Het is verankerd in de kaken door middel van wortels. De vorm van tanden verschilt, al naar gelang de functie van de tanden. Zo hebben de snijtanden een scherpe rand om te bijten, terwijl kiezer platter zijn om voedsel te kunnen vermalen.

De speekselklieren

De speekselklieren produceren het speeksel. Het speeksel wordt tijdens het kauwen vermengd met het voedsel. Zo glijdt het eten makkelijker door de slokdarm heen naar de maag. Ook is het speeksel nuttig bij de vertering van het voedsel.

Er zijn een aantal kleine speekselklieren in de mond en 3 grotere:

  • de oorspeekselklier, die net voor het oor ligt
  • de onderkaakspeekselklier, die aan de binnenkant van de onderkaak ligt
  • de ondertongspeekselklier, die onder de tong ligt

Per dag wordt er ongeveer 1200 ml (1,2 liter) speeksel geproduceerd. Als we voedsel ruiken of er alleen al aan denken, gaan de speekselklieren al speeksel produceren.

Samenstelling van speeksel

De samenstelling van het speeksel is afhankelijk van het soort voedsel dat we eten. Voor een flinke, taaie biefstuk wordt er extra slijm geproduceerd. Voor droog, koolhydraatrijk voedsel wordt juist waterig speeksel geleverd, dat een spijsverteringsenzym bevat dat meteen begint met de vertering van de koolhydraten.

Mogelijke aandoening in de mond naast een slechte adem: mondslijmvliesontsteking.